Eems is het reclamebord voor De Kleine Zeemeermin

“Wat is het hier mooi!” is vaak het eerste wat restaurateur Gerard de Vries te horen krijgt van zijn gasten. Met zijn petit visrestaurant De Kleine Zeemeermin kijkt hij vanaf de Handelskade-Oost in Delfzijl uit over de Eems. “Ik hoef geen reclame te maken voor mijn restaurant. De Eems is mijn reclame. Voor de ligging direct aan zee en het uitzicht op de Duitse kust en de Eemshaven komen gasten van heinde en verre hier naartoe. Vrijwel nergens in Nederland kun je met de auto zo dicht bij zee komen. Ondanks de vrachtwagens die hier af en toe voorbij denderen vindt men hier een bepaalde rust.”

Natuurlijk kent ook De Vries de verhalen over de verstoorde natuurlijke dynamiek in het estuarium. “Gasten zien ook dat het water hier erg troebel is. Ik vertel dan over het baggeren in de Eems, maar vertel ook dat het water hier schoner is dan het water dat bij Rotterdam vanuit de grote rivieren de zee instroomt - ook al is het water daar helderder.” Hij wijst op de aalscholvers op een golfbreker vlak bij zijn restaurant. “Die zitten hier alleen omdat er vis zit. Met een beetje geluk zien we hier af en toe zelfs een verdwaalde zeehond.”

De kleine Zeemeermin biedt een prachtig uitzicht over de Eems

Uniek gebied
Zo slecht gaat het nu ook weer niet met de natuur, wil rasoptimist De Vries er maar mee zeggen. “Het is en blijft een mooi en uniek gebied, ondanks het baggeren. Bij de Punt van Reide zijn altijd zeehonden te zien. En als je wat verder de polder inloopt zie je lepelaars. We moeten realistisch zijn. De haven van Emden zal niet dichtgaan en de haven van Delfzijl evenmin. Alles heeft een oorzaak en die oorzaak is soms moeilijk weg te nemen. Het hoort ook bij de ontwikkeling van een gebied. Misschien dat het slib dat zich nu afzet over vijftig jaar de voedingsbodem blijkt te zijn voor een bijzonder stuk nieuw landschap. Door het laten dichtslibben van de Bocht van Watum kunnen we hier straks misschien wadlopen.”

De Kleine Zeemeermin is gevestigd in het voormalig informatiecentrum voor de modernisering van de Delfzijlster haven eind vorige eeuw. Het is op palen in het water  gebouwd. Sinds 2000 is het een visrestaurant. Daarmee is het een attractie an sich. De Vries, sinds 2010 de eigenaar, constateert dat de unieke natuurwaarden en schoonheid van de Eems, maar ook de andere bezienswaardigheden in Delfzijl en omgeving, bij een breder publiek onvoldoende bekend zijn. “Van mijn menukaart heb ik daarom een foldertje gemaakt met wat hier te zien en te doen is. Bij het VVV ontbreekt dat.”

Duits achterland
De regio kan volgens de restauranthouder bovendien nog wel wat publiekstrekkers gebruiken. Dat het Zeeaquarium Wad & Zoo, een aquariumattractie gewijd aan de Eems, er niet is gekomen ziet hij als een gemiste kans. “Het achterland zou met 600.000 mensen te klein zijn. Aan de andere kant van de Eems wonen echter drie miljoen mensen. Ook dat is ons achterland; veertig procent van mij gasten is Duits. Veel Duitse gasten zoeken naar een geschikte plek aan de kust om vis te eten. Dan komen ze uit bij Delfzijl als belangrijkste havenplaats. Daarom is het  zo jammer dat de veerdienst Emden-Delfzijl niet het hele jaar vaart: dat is 12 kilometer varen in plaats van 90 kilometer omrijden. Er wordt alleen gekeken naar de kosten, niet naar de baten.”

Sinds 2000 is de kleine Zeemeermin een visrestaurant.

Kwelders bieden kansen
Positieve effecten verwacht De Vries van het Marconi-project. Zijn restaurant komt te liggen in het nieuwe kweldergebied dat wordt aangelegd. “Marconi versterkt het beeld van Delfzijl aan zee. De uitvoering kan al voor extra aanloop zorgen en ook de kwelders zelf zullen daarna bezoekers trekken. Wellicht zullen er vaker zeehonden te zien zijn en misschien ook lepelaars. De kwelders bieden ook gelegenheid om te laten zien hoe vroeger op het wad werd gevist. Het Groninger Landschap wil hier dan ook rondleidingen verzorgen. En wellicht dat dankzij de filtering door de kwelders het water wat minder troebel wordt en bijvoorbeeld mosselzaad terugkeert op de zandplaat De Hond-De Paap. Natuur en economie zullen er beide van kunnen profiteren.”

 

Share |