Ontwerp Structuurvisie Eemsmond-Delfzijl klaar voor beoordeling

Op 13 september is de ontwerp Structuurvisie Eemsmond-Delfzijl aan Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen voorgelegd. Eind deze maand wordt het tevens besproken in het bestuurlijk overleg Eemsmond-Delfzijl. Jaap Siemons, projectleider namens de provincie Groningen, is blij met het resultaat. “Omgevingsdienst en provincie Groningen hebben iets unieks gepresteerd.”

Met de Structuurvisie Eemsmond-Delfzijl faciliteert de provincie Groningen de planologische inpasbaarheid van zeventien grootschalige industriële ontwikkelingen en windprojecten in de Eemsdelta en worden de cumulatieve milieu- en natuureffecten in beeld gebracht. Verder biedt de Structuurvisie kaders voor de bestemmingsplannen, projectbesluiten en het vestigingsbeleid.

Grote complexiteit
Dit kwam niet zonder slag of stoot tot stand. Niet eerder zag Siemons een programma dat zo complex was, zowel qua tijd als kosten. “De cumulatieve effecten van alle voorgenomen ontwikkelingen bleken niet zonder meer naast elkaar te passen in de beschikbare milieugebruiksruimte. Er was afstemming nodig tussen verschillende bestuurslagen, er vond diep gedetailleerd technisch overleg plaats en er moest een leesbare visie worden geproduceerd. Dat kostte tijd. Tegelijk wilden we meelopen in het opstellen van de nieuwe Omgevingsvisie om niet teveel vertraging op te lopen.”

Omgevingsvisie kaderstellend
De provinciale Omgevingsvisie 2016-2020 – de opvolger van het POP die vorig jaar afliep – moest met de beleidsprioriteiten van het nieuwe college van GS gedeeltelijk worden herzien. Begin juli werd deze in Provinciale Staten vastgesteld. “Vier van de vijf opgaven die in de Omgevingsvisie zijn geformuleerd hebben deels of helemaal betrekking op de Eems-Dollard”, legt Siemons uit. “Deze zijn voor ons kaderstellend.”

Préadvies m.e.r.
Om de vaart in de planprocessen te houden, werd in juni een préadvies uitgebracht aan de Commissie voor de m.e.r. van de op de meest relevante cumulatieve effectbeoordelingen over de thema's geluid, geur, externe veiligheid en natuur. Het ging daarbij met name om de windplannen in het gebied en de bestemmingsplannen Oosterhorn en Eemshaven. De ontwikkelde rekenmethoden werd positief beoordeeld. “Maar we kregen ook huiswerk mee. Dat hebben we in de zomervakantie verder uitgewerkt”, vertelt Siemons.

Geurbeleid
De structuurvisie zoals die nu vorm krijgt mag er zijn, vindt de projectleider. Het ontwikkelen van het beoordelingsinstrument voor cumulatieve geurbelasting noemt hij ingewikkeld en uitdagend. “In tegenstelling tot geluid, waarvoor al tientallen jaren wettelijke normen bestaan, kennen we die nog niet voor geur. Met veel geurbelastende industrie in het gebied was het van belang dat ook hier normen voor kwamen. Maar hoe deel je bijvoorbeeld de overlast van twee geurbronnen toe? Voor de cumulatieve beoordeling van geurbelasting hebben onze specialisten met specialisten van de Omgevingsdienst nu een systeem ontwikkeld.”

Bijzondere gebruikscombinaties
Hij is tevens zeer te spreken over de dwarsverbanden die tussen heel verschillende plannen zijn gelegd, wat bijzondere gebruikscombinaties mogelijk maakt. Voorbeelden daarvan zijn de plaatsing van windturbines op dijken, de verplaatsing van de helihaven naar het Eemshaventerrein (waarvoor enkele windturbines moesten worden verplaatst) en het projecteren van windturbines op het industrieterrein Oosterhorn. “Deze combinatie is in Nederland niet eerder gedaan.”

Iedereen mee krijgen
Tijdens de terinzagelegging dit najaar verwacht Siemons antwoord te kunnen geven op bezwaren die er wellicht zullen zijn. Vooraf is alles in het werk gesteld om belanghebbenden zoveel mogelijk mee te krijgen en te informeren. “De vier gemeenten in het gebied en Groningen Seaports zijn bestuurlijk en operationeel al betrokken. Daarnaast zijn er overleggen geweest om windontwikkelaars, industrie en natuur- en milieuorganisaties te informeren over doelstellingen en voortgang en zijn we aanwezig geweest bij inloopavonden om uitleg te geven aan bewoners.”

Bestemmingsplannen mee-ontwikkelen
In het voorjaar van 2017 zou de Structuurvisie dan definitief moeten worden vastgesteld. Dan kunnen de gemeenten ook vrijwel meteen hun bestemmingsplannen vaststellen. “Doordat de gemeenten al volop betrokken zijn bij het opstellen van de Structuurvisie kunnen ze al veel doen om hun bestemmingsplannen voor te bereiden. Maar het is wel rijden met de voet op de rem: Doen wat je kunt doen, maar rekening houdend met eventuele veranderingen als gevolg van de zienswijzen.”

LEES MEER
Structuurvisie krijgt Ecologische plus
Structuurvisie gaat unieke vragen beantwoorden

 

Share |