Programmaleider MIRT: 'Op zoek naar een iconisch project'

Het MIRT-onderzoek Eems-Dollard is gestart. Opdrachtgevers zijn het ministerie van Infrastructuur & Milieu en de provincie Groningen. Het ministerie levert de projectleider, Regina Oosting. Wie is ze, wat verwacht ze van het onderzoek?

'Ik kom hier vandaan', zegt Regina Oosting direct bij de aftrap van het interview in het provinciehuis. Ze kent de provincie Groningen goed. Ze is in 'Stad' geboren, heeft aan de Rijksuniversiteit Groningen publiek- en privaatrecht gestudeerd. Haar vader was indertijd directeur van de provinciale dienst Ruimtelijke Ordening. 'En als vakantiebaantje bracht ik hier de koffie rond', zegt Oosting in het bestuursgebouw aan het Martinikerkhof.

Op papier staat het er eenvoudig. De focus van het MIRT-onderzoek is ‘het ecologisch herstel van de Eemsdelta in balans met kustveiligheid, ruimtelijke kwaliteit en economische ontwikkeling’. De eenvoudige opdracht roept op tot een paar eenvoudige wedervragen: is er niet al heel veel bekend? Moet er echt nog een heel MIRT-onderzoek aan vooraf gaan, voordat we wat gaan doen?

'Er is al veel kennis,' geeft Oosting toe. 'Denk aan allerlei studies, aan maatregelen en projecten die opgenomen zijn in programma's zoals Rijke Waddenzee of in Ecologie en Economie in balans. Nu gaan we kijken wat de effectiviteit van maatregelen is en van deze mogelijke maatregelen en projecten. En naar de uitvoerbaarheid en de financiering. En, als je dit goed wilt doen, welke uitvoeringsorganisatie je dan nodig hebt. Dit MIRT-onderzoek kent dus meer sporen dan alleen kijken wat er nog nodig is qua onderzoek.'

Op deze manier gaat Oosting nuchter om met de kritiek dat er 'weer zo'n onderzoek' komt. Diezelfde nuchterheid spreidt ze ten toon op de druk die er vanuit de regio komt dat het MIRT-onderzoek dit najaar al concrete projecten en maatregelen moet opleveren. De regio wil zo snel mogelijk 'los'. Deze druk komt vooral van de natuur- en milieuorganisaties, die alleen zullen afzien van juridische procedures tegen de mogelijke verdieping van de vaargeul naar de Eemshaven als ze zeker weten dat het natuurherstel grondig en structureel wordt aangepakt.

 En daar zit wel een probleem. Want de deadline om al of niet te gaan procederen tegen de mogelijke verdieping van de vaargeul naar de Eemshaven ligt voor de oplevering van het MIRT-onderzoek. Het zijn breinkrakers om dat proces in goede banen te leiden. Want als het via de koninklijke weg gaat, neemt het Rijk niet eerder dan in het BO-MIRT van het najaar 2015 een besluit over mogelijke financiën.

Oosting er niet onder gebukt. Al wil ze op het punt van financiën direct aan 'verwachtingsmanagement' doen, zegt ze. 'De minister kan op basis van het MIRT-onderzoek zoveel eerder als mogelijk -dus eerder dan najaar 2015- een besluit nemen of ze wil doorgaan met een verkenning', biedt Oosting de NMO's een handreiking. 'Dan hebben de natuurorganisaties een idee wat het gaat worden.'

Maar ook binnen deze handreiking doet Oosting aan verwachtingsmanagement. 'Ik vertel geen nieuws dat geen enkel departement nu ergens geld op de plank heeft liggen voor de Eems-Dollard. De tijd is voorbij dat er in Den Haag nog wel 'ergens' een potje is.'

Oosting snapt daarom de opvatting dat er bij de vorming van een nieuw kabinet misschien nog wel de beste kansen liggen. 'Dat is nog niet zo ver. Maar dan liggen de onderliggende rapporten en onderzoeken van de claim om in het regeerakkoord geld te regelen er dus wel.'

Tegelijk zegt Oosting: staar je niet blind op 'nieuw geld'. Er kan straks immers best wel wat, vindt ze: 'Denk aan bestaande programma's, zoals het Deltaprogramma en de Kaderrichtlijn Water. We moeten kijken of we daar projecten aan kunnen hangen.'

Daar gaat ze dan ook beslist naar op zoek, zegt Oosting. 'Als de overheden in het najaar een iconisch project kunnen beginnen, stelt ze, zien de NMO's dat we dit serieus nemen.  'Die projecten worden eigenlijk al genoemd in de overeenkomst van E&E. Het is een begin, ik hoop dat de NMO's daar genoeg zekerheid aan ontlenen.'

Het laatste woord is er nog niet over gesproken. De investeringsstrategie is onderdeel van het MIRT-onderzoek. Maar juich niet te vroeg, waarschuwt ze. 'Een MIRT-onderzoek leidt niet automatisch tot Rijksgeld. Daar gaan meer stappen aan vooraf.'

Met een beetje geluk komt er dit najaar mogelijk hulp uit onverdachte hoek. De Algemene Rekenkamer presenteert dan een onderzoek hoe Europees beleid in Nederland wordt uitgevoerd en welke effecten daarvan zichtbaar zijn. Het onderzoek gaat over de kwaliteit van oppervlaktewater in Natura 2000-gebieden, met de Eems-Dollard als casus. Oosting: 'Afhankelijk van de conclusies kan dit rapport een push geven om aan de Eems-Dollard wat te doen.'

Share |